© 2017 Gerphil Kerkhof

 

  

Beeldspraak 10-2017

Schoonheid

Laatst bezocht ik de Unseen - een belangrijke fotomanifestatie in Amsterdam. Ik kwam er opnieuw teleurgesteld vandaan, omdat niets mij echt raakte. Ik miste emotie, gevoel, iets dat mij raakte. Het was mij te conceptueel en te gemaakt, te bedacht, te cerebraal. En bovenal miste ik ouderwetse schoonheid, ik miste vervoering, ontroering. Mijn hart werd niet geraakt. Het maakte een verlangen in mij wakker stil te staan bij wat ik mis: schoonheid.

Dat wil zeggen: echte schoonheid die je raakt. Dat gaat verder dan gewoon 'mooi'. Mooi streelt de zintuigen, maar daagt niet uit. Schoonheid daarentegen is voor mij iets dat diep gaat, verre van oppervlakkig is. Dat komt, omdat schoonheid iets heeft van een dusdanige volmaaktheid en zuiverheid, dat het je doet huiveren. In echte schoonheid zit een scherp randje, zodat je hart geraakt kan worden en bloeden gaat. Een spoor van heftige contrasterende emoties als onweer ver achter de horizon: een spoor van bitterheid, verdriet, huiver, schrik, woede, ontzag of verwarring. Als de tannine in wijn, zout in de vis - zonder welke het slechts zoet of laf of 'mooi' zou zijn.
  

      
Wat echt schoonheid vertegenwoordigt benadert een gevoel van perfectie, volmaaktheid en zuiverheid. Zuivere perfectie, zuivere zuiverheid echter, dat wekt angst in ons. Denk aan symmetrie. Het staat vast dat wij mensen een gezicht als schoonheid herkennen als er sprake is van een hoge mate van symmetrie. Een puur symmetrisch gezicht komt in de natuur echter niet voor en als wij met een symmetrisch gezicht geconfronteerd worden (zoals op een foto), dan herkennen we dat meteen als kunstmatig. En nog sterker: als beangstigend, bedreigend. Het raakt ons hart op een koude manier, hoezeer dat gezicht ons ook toelacht. Pure zuiverheid is het eindpunt van ons streven, ons ideaal, maar ligt daar waar geen verdere groei, geen leven meer mogelijk is. Waar de adem ingehouden wordt. Zuiverheid is homeostasis, zuiver evenwicht, is pure perfectie, volmaaktheid - is het einde: de dood. Dat doet ons huiveren.

Echte schoonheid daarentegen is bijna perfect, bijna volmaakt en brengt daarmee een ambivalentie in ons omhoog, een lichte spannende beweging. Daarom plaatste men vroeger op het volmaakt opgemaakte gezicht een 'schoonheidsvlekje'. Een kleine verstoring van de symmetrie. Die kleine verstoring contrasteert en versterkt het gevoel van (en verlangen naar) volmaaktheid - maar roept ook een vragen in ons op. Die kleine verstoring - is dat het laatste spoor van wat ons nog verontrust, zijn we getuige van het laatste moment voordat zuiverheid in al haar geïdealiseerde glans zegeviert over datgene wat nog net te zien is? Het doet ons identificeren met de zuiverheid en roept veralangen en optimisme in ons op.

Of zien we juist het begin van een omslag? En is die kleine ongerechtigheid, die bron van laatste onvrede, iets dat ons ook fascineert en aantrekt? Dat ons vanuit de hoek beloert, zich klaar maakt voor een sprong om het geheel eens om te keren? En zou, als het die kans kreeg, in zuivere vorm niet ook weer iets van schoonheid in zich hebben?

In echte schoonheid zit die spanning, die alles met dood en leven te maken heeft. Leven is per definitie niet perfect, altijd gebaseerd op een dynamisch evenwicht van tegenstellingen. Het is deze zuivere levensspanning die we voelen bij het zien, voelen of horen van schoonheid.

Ik voelde die spanning toen ik bovenstaande foto maakte. Het is de ballustrade van het Teatro Anita Villalaz in Panama City. Hij is genomen vanuit een scherpe hoek zodat het in al zijn puurheid, zonder verstoringen geïsoleerd kon worden, nog net afstekend tegen de egaal bewolkte lucht. Pure, sensueel-ronde vormen in een zuiver en sereen (toegegeven: door mij iets sterker aangezet) wit licht. Als lelieblanke engelenborsten in het zuivere hemellicht - als daar niet ..., daartussen ..., daartussen een puntig-duister als zwarte vlammen likt.

Het is bij nadere beschouwing een boompje, dat in één van de scheurtjes in het metselwerk tot ontkiemen was gekomen. Een laatste toevluchtplaats voor een wildernis die zich eens ook tot hier, op deze landtong, uitstrekte. Of duidt het op het begin van het einde, dat nu nog onopgemerkt zijn tere wortels uitslaat in het brokkelend steen, om deze witte dood geruisloos te omarmen en bevruchten. Het vloekend fluwelen zwart als symbool van dood èn leven.

Het toestaan en omarmen van imperfectie en het zien van het zuivere in wat schijnbaar chaos brengt, opent het hart voor ware schoonheid.

  
Nikon D800, 70-300 mm f/4.5-5.6G IF VR AF-S Nikkor - 300mm, 1/1600 sec bij f/5.6 en ISO 200
Bewerking: Adobe Lightroom
  

Voorgaande edities

| 10-2017 | 09-2017 | 08 - 2017 | 05 - 2017 | 04 - 2017 | 03-2017 | 01-2017 | 12-2016 | 11-2016 | 10-201609-2016 | 08-2016 | 07-2016 | 06-2016 |